Taalondersteuning

1) Doelgroep

Taalondersteuning staat open voor de leerlingen die kampen met een taalstoornis c.q. taalachterstand.

Bij binnenkomst worden de risicoprofielen van de leerlingen opgesteld op basis van:

- het onderwijskundig rapport
- Cito uitslag of een vergelijkbare toets
- drempelonderzoek
- gegevens uit de gevalideerde taalscreening
- aanvullende onderzoeken
- dyslexieverklaring

2) Aanbod taalondersteuning

Het aanbod van de taalondersteuning is divers, kent per module een wisselend aantal ondersteuningslessen en is afgestemd op gekende probleemgebieden. Een volledig overzicht van de aangeboden ondersteuningslessen met omschrijving en doelgroep wordt aan het begin van het schooljaar op de ELO van Magister geplaatst. Docenten kunnen een advies voor bepaalde ondersteuning uitbrengen. Leerlingen kunnen zich inschrijven via Magister. Na inschrijving is deelname verplicht.

3) Compenserende maatregelen dyslectische leerlingen

Van leerlingen met dyslexie moet een officiële dyslexieverklaring aanwezig zijn in het dossier. (Leerlingen met een onderkennende diagnose dyslexie (ODD) dienen eerst door een daartoe bevoegde deskundige verder onderzocht te worden.) Een dyslectische leerling krijgt een aantal basisfaciliteiten aangeboden:

 

- Extra tijd of verkort werk:
De omvang van een in reguliere lestijden afgenomen toets wordt beperkt tot 75% van het volledige werk. De leerling wordt wel geadviseerd de gehele toets te maken indien daar voldoende tijd voor is. Voor het berekenen van het cijfer wordt de normering aangepast aan de omvang van het werk. Het is ook mogelijk de leerling 25% meer tijd te geven om het hele werk te maken.

Deze faciliteit geldt niet voor kijk- en luistervaardigheidstoetsen die afgenomen worden in reguliere lestijden. De leerling maakt de reguliere kijk- en luistervaardigheidstoetsen onder dezelfde voorwaarden als de niet-dyslectische leerlingen. In de examensituatie hebben de leerlingen recht op tijdverlenging.

Dyslectische leerlingen uit een jaar waarin PTA-toetsen worden afgenomen, krijgen in de toetsweek alle toetsen in een apart lokaal met extra tijd.

- Beoordeling spelling
Voor het vak Nederlands geldt het volgende:
Wanneer een specifieke spellingkwestie wordt getoetst, worden de dyslectische leerlingen ten aanzien van die kwestie beoordeeld zoals de andere leerlingen.

Bij overige toetsen worden de spellingsfouten aangegeven. Voor de spellingsfouten wordt
a. op havo en vwo maximaal 1 punt afgetrokken (10%)
b. op mavo maximaal 0,5 punt afgetrokken (5%)

Voor de moderne vreemde talen geldt het volgende:
Grammaticale fouten worden aangerekend op dezelfde wijze als bij de niet-dyslectische leerlingen.

Spellingsfouten worden, als het fonetisch juist is geschreven, niet aangerekend.

- Lettertype / puntgrootte
Alle toetsen worden voor alle leerlingen opgemaakt met Arial 12. Dit is conform de examenregelgeving omtrent het vergroot werk voor dyslectische leerlingen.

Daarnaast is het mogelijk op individuele basis aanvullende compenserende faciliteiten toe te wijzen. Dit gebeurt enkel indien er sprake is van een aantoonbare belemmering van de schoolloopbaan en in overleg met de verantwoordelijke coördinator taalondersteuning.

4) Ten slotte

Gedurende de hele schoolloopbaan van de leerling is de coördinator taalondersteuning de contactpersoon voor de ouders betreffende het begeleidingstraject. Vakspecifieke zaken bespreken de ouders met de desbetreffende vakdocent. In het geval van een geschil tussen een leerling en een docent rapporteert de mentor aan de coördinator taalondersteuning. Deze bemiddelt en rapporteert eventueel aan de afdelingsleider.
In het LVS wordt bijgehouden welke leerlingen dyslectisch zijn en welke faciliteiten zij hebben gekregen. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de coördinator taalondersteuning. De informatie is toegankelijk voor alle docenten. Onderzoeksverslagen worden door de administratie gescand en in het LVS gehangen.

Januari 2015